Observeermeneer

Door Coltrui op dinsdag 25 februari 2014 22:00 - Reacties (20)
Categorie: Frustraties, Views: 2.753

Ik hou niet zo van autorijden. Noem mij gerust een mietje, maar leg een stuur in mijn handen en mijn zweetklieren gaan plots harder werken dan een Noord-Koreaanse strafkamparbeider na een negatief evaluatiegesprek. Mijn hart gaat dubstep componeren, mijn handen spreken gebarentaal in Algemeen Beschaafd Parkinson en mijn zelfbeheersing gaat dan verstoppertje spelen.
Voor de niet zo goede verstaander: ondergetekende is een panische chauffeur. Ziet u, wat mij betreft, schuilt achter elke beweging van een automobilist, fietser of aan het verkeer deelnemende fruitvlieg een potentiële kernramp.
Vandaar dat ik veel vaker op de passagiersstoel te vinden ben dan aan het stuurwiel - erg handig, zo kan ik sneller bij de reserveonderbroek in het handschoenenkastje. Want wanneer de wagen na een bruusk manoeuvre van mijn chauffeur een remspoor achterlaat, blijk ik erg solidair.

De passagiersstoel dus. Dat is de troon van waarop ik heers. Als 'Observeermeneer', denk ik dan bij mezelf. Niemand die zichzelf een beetje serieus neemt, zegt zoiets luidop. En je ziet wat, als Observeermeneer.

Het begint 's ochtends bij het invoegen op de asfaltstrook die tegenwoordig onterecht de term 'snelweg' toebedicht krijgt. File. Niet getreurd, de Observeermeneer in u krijgt zo de gelegenheid om het gedrag van uw collega-slakken te observeren.
Terwijl u op zoek gaat naar een gaatje om in te voegen in de tergend langzame sliert, houdt iedereen op het baanvak links van u zich vreemd genoeg synchroon ledig met dezelfde bezigheid: het stuur krampachtig vastgrijpen en in opperste concentratie strak voor zich uitkijken. Hoewel ik het niet proefondervindelijk kan bevestigen, durf ik er geld op te verwedden dat u probleemloos uw uiteengesperde kontkaken tegen het portierraampje kan schurken zonder dat iemand Carglass belt. U bestaat gewoon niet. U mag er niet tussen.
Wanneer u uiteindelijk dan toch een plekje in de file heeft kunnen bemachtigen - in veel gevallen dankzij het type weggebruiker dat altijd verguisd wordt, zijnde de vrachtwagenchauffeur - kan de Observeermeneer in u op zijn gemakje genieten van wat er zich zoal voor, achter en naast u afspeelt.
Links van u zit een medeweggebruiker vol ijver in zijn neus te peuteren, ongetwijfeld op zoek naar ontbijt. U ervoer gelegenheden waarbij de oogst vlotjes de mond inging, maar dit keer merkt meneer net vóór het neuskeutelconsumeren de gefronste wenkbrauwen van de Observeermeneer. Het resulteert in zijn plotse drang om iets te gaan zoeken onder het dashboard.
De bestuurder rechts van u, lijkt zijn smartphone aan te wenden om een intieme kennismaking af te dwingen tussen zijn linker- en uw rechterbuitenspiegel.
De persoon voor u verstrekt u gaarne, gratis en voor niets, de informatie dat Kenji en Shauna aan boord zijn. Nadere inspectie leert dat dat een flagrante leugen is. En u maar extra voorzichtig zijn. Voor Kenji en Shauna.
Achter u staat een dame die de al zo trage voortgang een extra dimensie geeft, door een enorm gat te laten tussen haar en uw wagen. Haar achteruitkijkspiegel blijkt het meest doeltreffende middel om oogschaduw aan te brengen. Om die mensen een lesje te leren, een kleintje, want de mens beschikt over twee ogen, pleit de Observeermeneer dan ook voor extra hoge verkeersdrempels op autosnelwegen.

Eenmaal aangekomen in de stadskern, valt u het blije weerzien met de zwakzinnige weggebruiker te beurt. Zebrapaden blijken suggesties, rode voetgangerslichten zijn maar om te lachen. Mijn hart is steevast de tel kwijt, wanneer ik zo'n kleintje op een veel te grote fiets over het fietspad zie zwalken, een decimeter naast de dodelijke drukte. Als het goed is, fietst er dan een ouder achter.
Wat gaat er in diens brein om, vraagt de Observeermeneer zich dan af. 'Onze Joerie is nét iets te groot voor de vondelingenschuif, misschien is dit een oplossing.' Zou het zoiets zijn? Of: 'Hij heeft een geel fluohesje en een vlagje op zijn bagagedrager. Wat kan hem nou gebeuren?'

Maar weet u waar de Observeermeneer zich allicht het meest aan ergert? Aan die mannen, nou ja - laat ons eerlijk zijn, sukkels eigenlijk - die overal commentaar op hebben en alles beter weten. Maar toch hun vrouw doen chaufferen.

Electronicaretailklantendienstmedewerkers

Door Coltrui op maandag 03 februari 2014 19:37 - Reacties (45)
Categorie: Coltrui valt anderen lastig., Views: 6.227

Stel. U verdient het zout op uw patatten als - hou u vast, ik verzin dit niet - 'electronicaretailklantendienstmedewerker'. Stel. U heeft een klant wiens E-reader DOA geleverd werd. Stel. Net die klant heeft tijd te veel, is irritant langdradig en heeft niks anders te doen dan onnozele mails te sturen. Stel. U ontvangt van deze klant onderstaande lap tekst in uw mailbox.

Lees verder »

Beste buurman, een vraagje...

Door Coltrui op zondag 08 september 2013 15:20 - Reacties (39)
Categorie: Frustraties, Views: 8.552

Beste buurman,

Tot u schrijft uw buurman, die uitzonderlijk even alle wellevendheid opzijschuift en toegeeft aan de zonde die nieuwsgierigheid heet.
U moet weten dat uw gezin en haar gewoontes de laatste tijd het meest frequente gespreksonderwerp vormen in de wijk en teneinde te vermijden dat de luchtige gesprekjes in de wachtrij aan de buurtwinkelkassa uitmonden in hardnekkige roddels, vraag ik u een tipje van de sluier te lichten.

De wijkbewoners zijn namelijk verdeeld in twee kampen, waarbij elk kamp een eigen theorie aanhangt die uw gedrag van de laatste weken zou moeten verklaren.
Kamp A beweert bij hoog en laag dat u zich een nieuwe hobby heeft aangemeten: speciale kunstmest produceren.
Volgens de aanhangers van dit kamp, beschikt u namelijk over een scheikundige formule om een meststof te vervaardigen die de eigenschap heeft om alles in uw tuin op één nacht tijd plots drie meter te doen groeien. Het zou de verklaring zijn voor het feit dat u elke dag uw gras maait en de haag scheert. Naar het antwoord op de vraag waarom dit vóór acht uur ‘s ochtends moet gebeuren, wordt door kamp A nog naarstig gezocht.

Kamp B daarentegen, vermoedt dat u een rol aangeboden heeft gekregen in een WO II-film, waarbij u de rol vertolken zal van niemand minder dan Adolf Hitler. Deze theorie wordt vooral gevoed door verklaringen van uw directe linker- en rechterburen. Ze beweren immers u elke dag te horen oefenen, waarbij uw vrouw en dochter fungeren als antagonisten. Uw dochter zou daarbij trouwens een dubbelrol op zich nemen: bij de scènes die zich buiten afspelen, zou ze de rol van ‘Shana’tje’ vertolken, terwijl ze intra muros ‘Shanagodverdomme’ gestalte geeft. Uw vrouws karakter zou ‘Kutwijf’ heten en blijkt weinig tekst te moeten voorbereiden.

Welke theorie ook de juiste is, beide kampen zijn het er broederlijk over eens dat het iets betreft dat reden geeft tot uitbundig vieren. Bijna elke avond wordt er in de netjes gemaaide tuin gefeest met muziek en gasten die hun hand niet omdraaien voor een decibel meer of minder. U praat honderduit en met gepaste trots over Shanaatje en uw vrouw, terwijl Kutwijf en Shanagodverdomme waarschijnlijk geen oog dichtdoen. Net als wij, maar laat dat de pret niet bederven.

Verlos ons uit ons lijden en laat me even per kerende weten welk kamp het bij het rechte eind heeft. Er is bedrijvig gegokt geweest en de winsten moeten toch ooit uitgekeerd worden.

Met vriendelijke groet,

Een buurman.

PS: Vervelige kloot!

MoraGate

Door Coltrui op vrijdag 17 augustus 2012 21:57 - Reacties (73)
Categorie: Coltrui valt anderen lastig., Views: 23.029

Ik heb nieuwe helden gevonden, Lieve Blogleeskindertjes. Waar menigeen ongebreideld vertrouwen stelt in Superman, Batman of voor mijn part Megamindy, om de wereld van haar zekere ondergang te redden, zet ik sinds vandaag mijn gehele fortuin in op het personeel van Mora. Ja, u leest het goed, het personeel van Mora.

Alles begon op een katerige zaterdagmiddag, die ik wilde pareren met een aantal bitterballen, een naar eigen ervaring geweldige remedie wanneer u de avond ervoor zowat de bodem uit uw glas heeft gekeken. Ik zette de frietketel aan het werk en opende ondertussen de doos Mora bitterballen, me reeds verheugend om de geafficheerde twaalf stuks soldaat te maken. Het waren er echter geen twaalf, tot mijn grote verbazing.

Voor de grap gooide ik volgende tweet in de lucht:

http://www.zinloos.be/mora/1.png

Wist ik veel dat een van mijn followers werkte voor Mora België. Alras ontspon zich volgende dialoog:

http://www.zinloos.be/mora/2.png

Nee, ze was niet Mora, edoch arbeidt deze bevallige jongedame blijkbaar voor de verkoopsafdeling van Mora België. Aanvankelijk besloot ik er niet op in te gaan, maar toen deze nieuwe follower zich een paar minuten later aan mijn lijstje toevoegde, rezen mijn mondhoeken.

http://www.zinloos.be/mora/3.png

Ik beloofde er werk van te maken, uiteraard met het oog op een geintje, wie klaagt nu immers over een extra bitterbal, right? Maar aangezien de gewenste DM via Twitter slechts uit honderd veertig karakters mag bestaan en ik op zijn zachtst gezegd nooit echt kort van stof ben geweest, deed ik het op een andere manier. Ik flanste met mijn ernstig dodelijke HTML-skillz een webpagina in elkaar en postte die ook op twitter.
Om nu mijn bewondering voor Mora's marketing ten volle te begrijpen, raad ik u aan deze link niet over te slaan en elk detail goed tot u te nemen. Neem dus eerst grondig de tijd om mijn gebazel aan hun adres even door te nemen.

Reactie bleef niet lang uit. Via Twitter werd me gevraagd om adres en telefoonnummer te verstrekken, wat ook geschiedde. Volgende conversatie kwam aldus via mail tot stand:
Beste,

Op vraag van Mevrouw Mieke De Laat (zie https://twitter.com/MiekeDeLaat/status/236023338382811136) stuur ik u bij dezen mijn adres.

Overigens mijn complimenten. Sportieve werknemers daar bij Mora, hoor...

<NAW gegevens>

Met Vriendelijke groet,

Coltrui
Beste,

Zou het ook nog even mogelijk zijn om je telefoon- en/of gsm-nummer door te geven ?

En bedankt voor het compliment, we proberen bij Mora het goede voorbeeld te stellen: voldoende beweging zodat we vaak kunnen snacken!

Met vriendelijke Mora-groeten
Beste,

Normaal strooi ik privé-gegevens niet zo graag in de rondte, maar goed, voor Mora zullen we een uitzondering maken. Noteer wel dat ik de lijn trek wanneer me mijn lievelingsmerk, maat en type van ondergoed wordt gevraagd.

<Insert nummer van onze vaste lijn. Nvdr: deze lijn wordt doorgeschakeld naar het mobiele nummer van mijn echtgenote. Zij beantwoordt zelden oproepen van onbekende nummers en haar antwoordapparaat luidt letterlijk: 'Er is niks na de biep. Ik bel u terug, terzij u een vervelend persoon bent.' Echt, excuses zoveel u wil, ik kan er ook niks aan doen.>

Mag ik vragen waarom u dit nodig heeft? Want let wel: mocht u gebruik willen maken van dit nummer en er wordt niet opgenomen, wordt u begroet door een nogal vreemde welkomstboodschap. Mijn vrouw heeft namelijk een goed stel hersens, maar op sociaal vlak wil er af en toe wel eens iets flagrant de mist ingaan.

Met vriendelijke groet,
Beste,

We zullen zeker geen misbruik maken jouw privé-gegevens, zolang Mora je lievelings-snackmerk blijft tenminste... :)

De reden waarom we je willen bellen is om vandaag nog af te spreken, zodat we jullie op een gepaste manier kunnen vergoeden.
Wij hebben getracht jullie op onderstaand nummer te bereiken, maar krijgen helaas een melding dat ‘dit nummer niet toegelaten is’.

Misschien dan best even via mail proberenaf te spreken … is er vanavond tussen 17u en 17.30u iemand aanwezig op jullie thuisadres?

Alvast bedankt voor je snelle reactie!


Met vriendelijke Mora-groeten,
Beste,

Rond die tijd zal er inderdaad wel iemand thuis zijn. Laat me wel vooropstellen dat het een geintje was en ik niet uit ben op 'een vergoeding' hoor. Ik doe dit soort dingen wel vaker, enerzijds omdat ik het leuk vind, anderzijds in de hoop dat ik iemand die hele dagen serieuze klachten moet behandelen misschien ook eens met een glimlach kan opzadelen.

Mag ik deze communicatie trouwens overnemen op mijn weblog? Er zit een leuk verhaaltje in, vind ik dan. Ook voor u en uw bedrijf. Heb al veel leuke reacties gehad op het gebeuren op twitter...

Overigens bedankt om te laten weten dat onze vaste lijn het niet meer doet. Daarvan waren we niet op de hoogte. Logisch ook aangezien de laatste keer dat ik mezelf telefoneerde dateert van die keer dat ik een halve fles Stroh Rum soldaat had gemaakt.
Beste,

Je opzet is zeker gelukt, de mensen van onze klachtendienst (en alle andere Mora-medewerkers trouwens ook) lopen al een aantal dagen goed geluimd rond!

Vandaar dat we zeker een gevolg willen breien aan dit verhaal, met de nodige knipoog natuurlijk. Je mag dan ook vanavond tussen 17u en17.30u een bezoekje verwachten.

Wij hebben er geen probleem mee dat je deze communicatie op je weblog plaatst, zijn zelf fan van dit soort leuke blogs.

Met vriendelijke Mora-groeten
Eerlijk gezegd begon ik hem serieus te knijpen. Voor hetzelfde geld hadden zij me tuk, wat niet onverdiend zou zijn, en kwamen ze met de rekening of een deurwaarder aanzetten om de extra bitterbal weer op te eisen of zo.

Net toen ik dacht onder te duiken in het tuinhuis van de buren, ging de deurbel. Met oncontroleerbaar bilnaadzweet opende ik de voordeur, alwaar een keurige jongeman zichzelf voorstelde als Moramedewerker, me een hand gaf en me daarna een zwarte enveloppe en een doos bitterballen overhandigde. Zijn 'prettige dag nog' beantwoordde ik met een mond vol tanden. Voor hij zwaaiend de oprit afreed, kon ik nog nét 'Jullie zijn een bende gekken!' uitbrengen.

En, Lieve Blogleeskindertjes, het is me daar een bende gekken. In de zwarte enveloppe zat toch wel een érg gepersonaliseerd kaartje.

En het doosje bitterballen?

Precies... Dertien stuks.

Een kudo waard. Dertien wat mij betreft.

Mag het iets meer zijn?

Door Coltrui op maandag 23 juli 2012 22:47 - Reacties (45)
Categorie: Coltrui's kroost, Views: 5.707

Mijn oudste dochter, Robin, negen wilde winters, werd een tijdje geleden gediagnosticeerd met dyscalculie. Voor uw gemoed volschiet en u moet vechten tegen tranen van medeleven: het betreft een rekenstoornis die gepaard gaat met een zwak ruimtelijk inzicht, dus op zich is dit niet zo'n ramp. Bloemen noch kransen, graag.

Daarom 'geniet' ze type-8-onderwijs, een opleiding waarvan ik na een jaar niet meer zo gecharmeerd ben. Deze wijze van onderricht zal vast haar nut hebben, maar met het risico beschuldigd te worden van het 'mijn-kind-schoon-kind'-syndroom, beweer ik: niet voor mijn dochter. Maar goed, wat die keuze betreft, mag ik misschien hand in eigen boezem steken, maar gedane zaken doen me afdwalen.

Blijkbaar gaat het type-8-onderwijs onvermijdelijk gepaard met het monitoren van de leerlingen door het Centrum voor Leerlingenbegeleiding (CLB) en een handvol psychologen. Waarschijnlijk stoot ik nu mensen tegen de borst, maar ik kan me niet van de indruk ontdoen dat dit legertje Overkill de drang heeft om hun nut te moeten bewijzen, door elk stoornisetiketje dat in hun archief zit, op elke leerlings voorhoofd te duwen om te kijken of het blijft kleven. Want plots - ik weet zelfs niet meet wat, waar, wanneer en waarom - bleek een van die labeltjes wonderwel een beetje aan mijn dochter te blijven plakken. Sindsdien ligt er dagelijks Ritalin naast haar kommetje ontbijtgranen. ADHD. 'Een beetje,' hadden ze gezegd. 'Een beetje ADHD.'

Toegegeven, ze kan wat uitgelaten doen, maar het is niet zo dat ze baviaangewijs aan de luchter in onze bijkeuken hangt te bengelen. Dat kan niémand beweren. Want wij hebben geen luchter in de bijkeuken, vooral wegens gebrek aan bijkeuken. Hoe het ook zij, als ik me mijn eigen jeugd weer voor de geest haal, moet ik concluderen dat ik als glad woelwater niet voor haar moest onderdoen - integendeel. Toch heb ik nooit medicatie gekregen en is het - u zal het ongetwijfeld met mij eens zijn - redelijk goedgekomen.

Vannacht had ik een droom. Eerlijk is eerlijk, Martin Luther King was me een beetje voor, maar mijn droom was ook speciaal.
Ik was ijverig aan het werk - het was maar een droom, weet u nog? - toen ik werd gebeld door school. Of ik dringend kon komen.
Ik trof Robin aan in een bed, vastgeketend, volledig in het gips en omringd door een tiental wetenschappelijk uitziende mannen én vrouwen - ik droom redelijk geëmancipeerd de laatste tijd - in witte schorten, gewapend met pen en notitieblok.

'Wat... Wat is er gebeurd?' vroeg ik met de handen in het haar.
Een man stapte naar voor en schraapte zijn keel terwijl hij door zijn papieren bladerde.
'We hebben haar eens grondig onderzocht,' sprak hij. De andere witte vesten knikten instemmend en bladerden ook door hun notities.
'En?'
'Nou, om te beginnen... We denken dat ze lijdt aan paranoide schizofrenie...'
'Wát?'
'Wees gerust, een beetje maar.'
'Een béétje? En... En dat gips?'
De man richtte zich tot een vrouwelijke collega.
'Waarvoor was dat nu weer?'
'Knie-, elleboog-, heup- en wenkbrauwdysplasie. Een beetje. Denken we. We zijn niet zeker, maar we hebben haar preventief al een paardenmiddel toegediend.'
'Maar...'
'En mond- en klauwzeer. Heeft ze ook. Een beetje. Niet honderd procent zeker, maar ze wordt wel behandeld. Men kan niet voorzichtig genoeg zijn. Wat dat betreft raden wij aan dat u haar prostaat ook eens laat onderzoeken...'
Vol ongeloof reikte ik naar Robins vastgeketende rechterhand.
'Niet doen!' schreeuwde de man die vervolgens met het hele team vol afgrijzen achteruitdeinsde.
'Ze is bezeten! Enfin, een bee...'
Hij maakte zijn zin niet af. Robin opende de ogen, waarvan ik enkel het wit ontwaarde, en begon verwoed aan haar kettingen te rammelen. Ze was snel los. Als een spin sprong ze via de muur naar het plafond waar ze bleef kleven. Haar hoofd draaide honderdtachtig graden en ze braakte de hele kamer onder.

Ik schrok wakker, ging rechtop zitten en terwijl ik denkbeeldig braaksel van mijn gezicht probeerde te vegen, vroeg ik me af: 'Heb ik wel de juiste keuzes gemaakt? Leg ik de toekomst van mijn dochter niet te veel in de handen van overijverige organen? En wat gaan we vanavond eten?'

Wel ja, ik maak me zorgen. Een beetje dan toch.