Uw fluit kan uw leven redden

Door Coltrui op dinsdag 17 februari 2009 16:56 - Reacties (49)
CategorieŽn: Recycled, WTF, Views: 8.643

Wie zich ooit al eens middels een vliegtuig heeft verplaatst, weet welke vernederingen de lieflijke airhostesses soms moeten ondergaan. Meestal lieflijke airhostesses, vergeef me deze nuance, want ik verdenk KLM ervan er een policy op na te houden, qua vliegende dienstmeiden enkel hardhorige tachtigplussers met kapsels van voor de eerste wereldoorlog in dienst te nemen. Op zich niets mis mee, maar ik belief niet te moeten schreeuwen wanneer ik koffie wens en prefereer bovendien een vol kopje boven een kopje dat bij het afleggen van het bibberende traject van het karretje naar mijn tablet, drie vierde van de inhoud verliest. Ik zweer u, van gulpen hete koffie op uw testikels gaat u allerminst in feeststemming verkeren.

Maar vernederingen dus. Ik heb het dan niet over de oude geilaards die menen dat een royale portie billetje-knijp op tien kilometer hoogte bij de service hoort, noch over de passagiers die hun vliegangst willen onderdrukken door de hostesses onophoudelijk sloten alcohol te laten aanrukken. Nee, ik heb het over de safety instructions procedure. Een synchroon ballet van een aantal airhostesses dat u duidelijk moet maken wat u wel en niet dient te doen wanneer er een noodsituatie ontstaat.

Volgens mij is deze procedure in het leven geroepen door en voor randdebielen. Eerlijk, wie niet vat hoe men een veiligheidsgordel vast- en weer losklikt heeft mijns inziens het IQ van een halve fishstick met currysaus. Wie niet beseft dat zo’n zuurstofmasker om neus en mond dient aangebracht te worden en dus niet om pakweg uw linkerknie, hoort niet zonder begeleiding rond te mogen lopen.
Bevreemdend is dan weer de demonstratie ‘hoe uw zwemvest aan te doen’. Beangstigend ook, zeker wanneer u bijvoorbeeld - net als ik deze week - op een vlucht van Frankfurt naar Zaventem zit. Ik weet niet hoe u zou reageren, maar ik moest in ieder geval de panische drang onderdrukken om de piloot nog snel even een snelcursus aardrijkskunde te onderrichten.

Maar - en nu komt mijn eigenlijke punt - uiterst fascinerend is het in het reddingsvest ingebouwde fluitje, dat u - eens u, bekomen van de crash, ronddobbert in de oceaan - kan aanwenden om de aandacht te trekken van eventuele reddingsdiensten. Ok, hold that thought…

Dus, stel, uw ijzeren vogel komt tijdens een vlucht van Frankfurt naar Zaventem zwaar in de problemen en er wordt een noodlanding aangekondigd. Oorzaak kan van alles zijn. Een motor die in lichterlaaie staat, Mega Mindy die tijdens een van haar wereldreddende acties vliegenderwijs tegen de voorruit hangt geplakt, of de piloot die er gewoon even geen zin meer in heeft - ik zeg maar wat.
De piloot, die Frankfurt eigenlijk stiekem helemaal niet wist liggen, vliegt dan maar uit armoe even in de gauwte naar de Indische Oceaan, want daar vliegt zelfs een half pond kalfsgehakt blindelings heen. Toch?

U, als reiziger, beseft dat uw boekje rustig verder lezen er niet echt meer inzit, legt zuchtend uw lectuur opzij en trekt verveeld uw reddingsvest aan.
Dan, na ongeveer de tijd die u nodig heeft om een keer of drie te geeuwen, crasht het vliegtuig eindelijk in het water, honderden kilometers verwijderd van de kust. U dobbert rond en vloekt om de gescheurde vingernagel die u aan de katastrofe heeft overgehouden en dit terwijl u nochtans de juiste crashhouding heeft aangenomen.

Uren later hoort u een helikopter uw richting uitkomen. De piloot merkt u niet op en dreigt van koers te veranderen. Is dat een probleem? Neu. Helemaal niet. Want, Lieve Blogleeskindertjes, gelukkig beschikt u over het vernuftige fluitje. Even op uw fluitje blazen in de richting van de heli en alles komt goed. Een fluitje. Om op te blazen. Naar een bulderende helikopter. Uhuh.

Waarom hangt men in plaats van zo’n prutsfluitje geen boterham met choco aan zo’n reddingsvest? Of een bakje zongedroogde tomaten van 'den Aldi'? Lijkt me qua aandachttrekkerij minstens even efficiŽnt.

Voor ik afsluit - want dit gaat nergens heen, tenzij naar de Indische Oceaan vrees ik - rest me nog mijn excuses aan te bieden aan eventueel hier passerende KLM-hostesses die van zichzelf vinden niet te voldoen aan het beeld dat ik hier schetste. U zal vast wel een uitzondering zijn.

Mits u iets aan uw oubollige kapsel doet ten minste…

Winkelwet

Door Coltrui op maandag 16 februari 2009 21:14 - Reacties (21)
CategorieŽn: Frustraties, Recycled, Views: 4.663

Ik kan zo niet meteen een bezigheid bedenken die ik minder graag doe dan boodschappen doen. Nee, het vooruitzicht om boodschappen te moeten doen, doet mijn hartje niet echt popelen van joepiegevoelens. Eigenlijk mag ik gewoon stellen dat ik nog liever twee dagen snorkelenderwijs rondwaad in een van piranha’s vergeven beerput, dan dat ik het winkelkarretje hanteren moet. Zů tof vind ik boodschappen doen ongeveer. En het ligt niet aan mij hoor, maar aan de anderen. Misschien wel aan u?

In dat geval, hoop ik dat ik zo vrij mag zijn u een paar tips voor te schotelen, bij wijze van codex waaraan u zich tijdens het winkelen dient te houden, teneinde geen wrevel op te wekken bij uw winkelende medemens.

Artikel 1: Parkeer uw karretje altijd dwars in de gangen, zodat u het andere winkelverkeer zoveel mogelijk hindert. Geniet hoe de opstopping ontaardt, en neem op dat moment vooral uw tijd om de juiste beslissing te nemen wat uw aankoop betreft. De wereld zou door uw toedoen wel eens integraal kunnen ontploffen, mocht u in een moment van totale zinsverbijstering besluiten over te gaan tot de aanschaf van volle melk in plaats van halfvolle.

Artikel 2: Wees alstublieft tachtig jaar of ouder en doe uw boodschappen op het moment dat de arbeidende bevolkingsgroep dat ook genoopt wordt te doen. Op die manier komt u niet alleen nog eens onder de mensen, maar heeft u overdag gelukkig ook de ontzettend boeiende groeispurt van uw geliefde geranium niet hoeven te missen.

Artikel 3: Test uw groenten en fruit grondig voor u het in uw karretje mikt. Druiven, mandarijntjes, kiwi’s en aardbeien zijn uw aankoop pas waardig wanneer ze uw klauwgreep heelhuids doorstaan. Meloenen, bananen en ander harder fruit, propt u bijvoorkeur zo ver mogelijk in uw neus. Voldoet het lekkers niet aan uw strenge controle, keil de overschot dan vrolijk terug op de stapel. Voldoet het daar wel aan, gooi het dan ook op de hoop en neem andere exemplaren.

Artikel 4: Betalen. Negeer het briefgeld. Laat zitten. Controleer altijd eerst of u niet over voldoende kleingeld beschikt. Ook al is het overduidelijk dat u er niet komen zal, toch altijd controleren. U doet dit best door de inhoud van uw portemonnee om te draaien boven de rolband, waarna u luid tellend muntje per muntje op een hoopje schuift. Als blijkt dat u een slordige twintig euro te kort schiet, pikt u de muntjes ťťn voor ťťn weer op (tip: laat er af en toe eentje op de grond vallen!), waarna u dan toch het briefje van vijftig trekt.

Artikel 5: Laat alles inpakken als cadeau’tje. Toe maar. Iedereen gelooft meteen dat die twaalf repen chocolade en dertig zakken chips niet voor u zijn.

Zullen we dat afspreken? Deze consument dankt u alvast van harte.

Een koek op uw oog ja!

Door Coltrui op zondag 15 februari 2009 18:32 - Reacties (15)
CategorieŽn: Coltrui's kroost, Recycled, Views: 5.551

Zondagochtend, half acht, de echtelijke bedstee ten huize Coltrui. Febe vertoeft nog in dromenland, terwijl Robin beneden haar dagelijkse dosis onderwijs van de televisie ondergaat. Mevrouw Coltrui en ik hadden jeuk, dus er moest gekrabd worden, als u me deze belachelijk slechte metafoor vergeven wil.

Nu, het laatste waarvan men een man kan betichten, is dat hij erg alert zou zijn voor de omgeving. Een man is daar niet voor gemaakt. Een man moet men aankijken, recht in de ogen, en klaar en duidelijk, langzaam articulerend om een boodschap over te brengen. Een man is dus niet toegankelijk voor subtielere invloeden dan dat, laat staan tijdens het krabben. Erger nog, bij deze bedrijvigheid lijkt al wat nodig is om na te denken zich te verzamelen op ťťn en dezelfde plaats om te feesten. Iets zorgt ervoor dat iedere bloed- en hersencel wordt uitgenodigd.
Dan staan er zo twee hersencellen op wacht, erover wakend dat de man niet al te veel domme dingen zegt of doet, terwijl er een meute bloedcellen voorbijsprint.

‘Wat? Wat? Wat? Wat gebeurt er? Waarom loopt iedereen weg?’
‘Weet je’t nog niet? ‘t Is weer zover! Meestal is de fuif rap over, dus haast u!’
‘Ok!’
En dan gooien de wachters hun zwaard en schild op de grond en rennen ze achter de rest aan.
Of het echt zo gaat weet ik niet - biologie was nooit mijn sterkste vak, maar zo stel ik mij dat dan voor.

Enfin, ‘t was drukbevolkt op de dansvloer, zeg maar, en geen een van de feestgangers die me dus attent kon maken op pletsende voetjes op de laminaat. De klopjes op mijn rug voelde ik wel.
‘Papaaaaaa?’
Plots loopt de dansvloer leeg. Ik draai mijn hoofd en zie Robin naast ons staan.
‘Mag ik een koek?’ vraagt ze, terwijl ze nog steeds vriendschappelijk op mijn rug staat te meppen.
‘Ehm… Ja, Robin, jij mag een koek.’
Eigenlijk had ik moeten weigeren, maar ik bevond me niet echt in de ideale positie om eens lekker uitgebreid te gaan discussiŽren.
Het lukt. Ze gaat de kamer weer uit. Ik adem opgelucht uit. Net wanneer ze door het deurgat huppelt, houdt ze halt en draait ze zich langzaam om. Ze grijnst, maar echt heel erg gemeen. Mijn hart danst weer de salsa in mijn keel bij het zien van die donkere, duivelse blik die blijkbaar schuilt achter het masker van kinderlijke onschuld.
‘Ik mag nu wel twee koeken zeker?’

Ik durf het haar niet te vragen, en ik geraak er dus niet uit of ze me nu chanteerde of niet.

Een koude kermis

Door Coltrui op vrijdag 13 februari 2009 19:30 - Reacties (29)
CategorieŽn: Non humor leesvoer, Recycled, Views: 9.033

De grauwgrijze hemel wrong de lage wolken leeg boven de Dorpsstraat, zodat druppels uiteenspatten op de vele kleurloze paraplu’s en rimpelende plassen vormden op de kasseien. De lucht ademde een mengeling van duur vrouwenparfum, frieten en oliebollen uit. Het geroezemoes van de massa werd overstemd door orgelmuziek die tevergeefs kinderen naar de lege paardenmolen trachtte te lokken, waar gebarsten paarden met vergane trots hun doelloze rondjes draaiden.

Aangemoedigd door oorverdovende, monotone bassen en het gejoel van ontluikende vrouwen, toonden puisterige jongens hun kunstjes in de botsauto’s. De dikke, besnorde zigeuner in het loket staarde door het beregende raampje, zichtbaar verveeld om het door hormonen geregisseerde toneelstuk dat hem dertig jaar geleden nog arbeidsvreugde kon verschaffen.

De menigte slenterde de kraampjes voorbij. Een tienermoeder duwde een kinderwagen voor zich uit, gegeneerd om haar uitgelopen oogschaduw. Een man met een grimmig gezicht sleurde een huilende kleuter achter zich aan, terwijl hij kibbelde met zijn echtgenote. Een bejaarde man en vrouw kuierden arm in arm onder een grijze paraplu en profiteerden van de laatste wazige indrukken nu hun geheugen zo goed als verzadigd was.

Niemand lette op het kleine ventje dat vrolijk door de plassen drentelde, een zakje snoepgoed in zijn hand. Hij was geschoeid in laarsjes en een slip van zijn hemd kwam onder zijn jas vandaan. Hij genoot met volle teugen van de hoogdag waar hij reeds maanden naartoe had geleefd. Ogen te kort, schonk hij geen aandacht aan de snottebel die op zijn bovenlip plakte.
Af en toe stopte hij met kuieren en boog hij zich in het midden van de straat over zijn snoepjes, terwijl de mensenstroom hem zonder aandacht in de druilende regen passeerde. Hij viste dan, zijn tong uit zijn mond en netjes de snottebel ontwijkend, met veel zorg net dŠt snoepje dat hij het minst graag at. De lekkerste moest hij immers voor het laatst bewaren.

Bij het kraam waar geringde plastieken eendjes lagen te wachten om opgevist te worden, keek hij hunkerend naar de pijl en boog die tussen de prijzen hingen. Dertig punten moest hij verzamelen, net als het jaar ervoor. Toen was het hem niet gelukt. Behoedzaam griste hij zijn beurs uit de zak van zijn jas en net toen hij hem openknipte, tikte iemand op zijn schouder. Het jongetje schrok, keerde zich om en moest omhoogkijken om te zien wie hem wat wilde vragen. Een spontane glimlach verscheen op zijn gezicht toen hij zijn oudere neef herkende.
‘Dag Tim,’ zei hij opgewekt.
‘Hey,’ mompelde Tim.
Het jongetje richtte zijn aandacht weer op zijn beurs en plukte er wat kleingeld uit.
‘Ga je eendjes vissen?’
De smalende ondertoon was het oor van het onschuldige enthousiasme ontgaan.
‘Ja. Ik wil dertig punten, zodat ik die pijl en boog win!’
‘Is eendjes vangen niet iets voor kleine kinderen?’
Tim grinnikte en dat had het jongetje wel opgemerkt. Hij keek weer op naar zijn neef en dacht even na, terwijl hij met de mouw van zijn jas zijn neus schoonveegde. Tenslotte haalde hij alleen maar zijn schouders op.
‘Ik weet iets veel beters,’ zei Tim.
‘Wat dan?’
‘Wat zou je ervan denken als ik je eens leerde hoe je met de botsauto’s moet rijden?’
‘O nee! Daar ben ik nog veel te klein voor! Doe jij maar.’
‘Maar mijn geld is op,’ sakkerde Tim. ‘Ik heb zelfs geen snoep meer!’
De theatrale pruillip weekte medelijden los bij het ventje. Fier opende hij zijn zakje snoepgoed en ging op de tippen staan om zijn neef wat lekkers aan te bieden. Tim aarzelde niet en grabbelde gretig twee snoepjes. Net de twee lekkerste.
‘Weet je wat?’ brabbelde Tim met zijn mond vol. ‘Ik zal het geld van je lenen.’
‘Lenen?’
‘Ja, kom maar mee.’
Tim greep het jongetje bij de arm en zeulde hem met zich mee.

De dikke zigeuner haalde zijn goedkope sigaar uit zijn mond en schoof zijn stoel wat achteruit om een lade te openen.
‘Hoeveel?’ bromde hij nors.
‘Hoeveel geld heb je bij?’ vroeg Tim aan het jongetje.
‘Ik… Ik zal eens tellen’
Hij had het gevoel alsof hij zich op verboden terrein begaf. Al die oudere jongens leken hem aan te staren, alsof hij er helemaal niets te zoeken had. Nerveus en onhandig knipte hij zijn beurs open en schudde het kleingeld in zijn handpalm.
‘Kom op, straks is het Pasen,’ gromde de zigeuner weer.
Tim griste de beurs en het geld uit zijn neefs handen en gooide alles op de toog. Het uiteinde van de sigaar verdween tussen een scheve grijns en met lede ogen zag de jongen hoe de dikke man al zijn geld in de lade stak en er twaalf muntjes voor in de plaats legde.

Een half uur lang manoeuvreerde Tim het autootje om de leeftijdsgenoten met de grootste mond te ontwijken en de minst gewaardeerde de volle laag te geven. Een half uur lang stond zijn neefje doodsangsten uit. Hij kon niet wennen aan de dreigende muziek en elke keer hun karretje ergens tegenaan dreigde te botsen, kneep hij zijn ogen stijf dicht. Protesteren durfde hij niet. En thuis zouden ze boos zijn, omdat hij al zijn geld er op ťťn dag had doorgejaagd.

De donkere wolken braken met luid gedonder en gooiden hun last woest van zich af zodat de botsautootjes er in een mum van tijd verlaten bijstonden. Tim had met zijn prestatie een vriendinnetje veroverd en zonder nog acht te slaan op zijn neefje, liep hij met haar naar een veiliger plekje, waar de kermisromantiek haar geheimen kon prijsgeven.

En zo kwam het dat zo'n zevenentwintig jaar geleden, een jongetje de kap van zijn jas opzette en huiswaarts slenterde door de plassen, vurig hopend dat zijn tranen niet zouden opvallen tussen de vele regendruppels.

Samson en Gert

Door Coltrui op vrijdag 13 februari 2009 08:31 - Reacties (18)
CategorieŽn: Coltrui valt anderen lastig., Recycled, Views: 8.024

Woord vooraf: wie Samson en Gert niet kent, zal hier weinig aan hebben en surft best ogenblikkelijk vrolijk verder - laat ons dat afspreken.

Een aantal jaar geleden heb ik onderstaand script naar Studio 100 verzonden en nog steeds heb ik geen repliek gekregen. Vreemd, want het zou zo’n mooie aflevering van Samson en Gert wezen…

Lees verder »