Déjà-vu alert! Bestaande post, verhuisd van mijn oude naar deze blog.

Héél soms is Coltrui Hollander

Door Coltrui op dinsdag 25 mei 2010 20:30 - Reacties (43)
Categorieën: Recycled, Varia, Views: 5.141

De eerlijkheid gebiedt me toe te geven dat ik me over het algemeen niet zo in mijn sas voel in Nederlands gezelschap. Nee, als ik de uitzonderingen over dezelfde kam mag scheren als mijn stereotype Noorderburen, wat ik vast niet mag, maar lekker tóch doe want zoals u nu wel al weet ben ik uitermate schattig en mag ik dat dus gewoon zonder represailles, durf ik te beweren dat het een schreeuwerig, hautain volkje is dat zichzelf heel graag op de borst klopt voor elk vlaagje darmgas dat hen ontsnapt.
Zoals u zich waarschijnlijk wel kan voorstellen, strookt dat dus totaal niet met het bedeesde en uitermate bescheiden genie dat in mij huist.

Maar, sinds een jaar of twee - en ik geef het niet graag toe - is er één gelegenheid waarbij ik me met graagte door een meute van deze schreeuwlelijkerds laat omringen. Eén gelegenheid, waarbij ik spijt heb dat mijn moeder me geen paar kilometer noordelijker ter wereld heeft gegooid. Eén gelegenheid: wanneer het Nederlandse nationale voetbalteam aantreedt.

Wanneer het Heilige Oranje de Gezegende Akker op moet, om de eer van de kazen, tulpen, klompen, windmolens en rare sigaretten te verdedigen, schept dat voor iedere trotse Nederlander - en trots zijn jullie allemaal - de verplichting toeter, driekleur en beker lauwe Heineken ter hand te nemen, waarna u zich, gekroond met de meest afzichtelijke hoofddeksels, massaal inschrijft om uw dienstplicht te vervullen bij het meest gevreesde leger ter wereld: het Oranjelegioen.

Ik liet me vorig EK ompraten door een Nederlandse collega om de grens over te steken, een café binnen te kruipen en zo als verloren Belg in het oranjegewoel op te gaan. De sfeer die heerste was fenomenaal en alwaar ik, kunstmatige sfeer-hater van het eerste uur, me in den beginne vol plaatsvervangende schaamte zo onopvallend mogelijk afzijdig hield, gaf ik me gaandeweg over aan het oerinstinct dat blijkbaar de overhand krijgt naarmate het gerstenat vloeit - zélfs wanneer het slechts Heineken betreft. O ja, landverraad is dan niet veraf meer.
Daar kunnen wij - Belgen - een puntje aan zuigen. Toegegeven, we hebben niet veel waarvoor we de borst mogen vooruitsteken wanneer het op balletje-trap aankomt, maar ook in de tijd dat het er in de Hel onzer eigen Rode Duivels iets minder onderkoeld aan toeging, hebben wij, Belgen, onze elf uitverkorenen nooit zo en masse richting het doel van de tegenstander geschreeuwd.

Geloof het of niet, maar de oranje vrouwen zorgen tijdens de hoogdagen van zo'n tornooi niet voor de was en de plas, en iets zegt me dat ook hun kroost hen heel even integraal aan hun derrière kan oxideren. Integendeel, ook zij verlenen hun diensten aan het Legioen en juichen zich in stukken vaneen, vooral wanneer hun echtgenoot dat pleegt te doen. Al dient gezegd dat ik bijna van mijn barkruk lag van het lachen, toen een man zich letterlijk distantieerde van zijn eigen beteuterde vrouwelijke soldaat, toen ze te laat tot het pijnlijke besef kwam dat één van de vele Russische tegendoelpunten (doet het nog pijn, waarde Nederlander?) geen reden was om te gaan juichen en toeteren als een losgeslagen en vooral eenzame idioot.

Ik weet één ding: zolang Oranje niet uit het tornooi gekegeld wordt, ben ik even Nederlander. Hup Holland hup! En nog een Heineken graag…